Tag: taart

Een verjaardag, een dinosaurustaart en een bezinning over quitters

Een verjaardag, een dinosaurustaart en een bezinning over quitters

Afgelopen zaterdag werd Roald vijf. Een mijlpaal voor hem, en voor ons. Mijmerend door babyfoto’s scrollen en niet kunnen geloven dat er al vijf jaar voorbij zijn. De eerste rollende ogen als ik hem zeg wat een schattige baby hij toch was. Kinderen hebben lijkt constant schipperen tussen “stop de klok!” en stiekem verlangen naar de volgende mijlpaal. Ik kijk er bijvoorbeeld enorm naar uit als hij volgend jaar zal leren lezen – de wereld die voor hem open zal gaan! Hij is al een boekenwurm van voor zijn eerste jaar en nog steeds hangt hij aan de lippen van eenieder die een boekje voorleest.

Vijf jaar moederschap, ook. Veel geleerd over mezelf, in die jaren. Soms denk ik dat dat te maken heeft met de kaap van de dertig ronden en meer perspectief krijgen, maar ongetwijfeld dwingen kinderen je ook om een aantal inconvenient truths over jezelf te confronteren. Over het beeld dat je van jezelf hebt, bijvoorbeeld. Of over je drijfveren – de zichtbare en de onzichtbare.

Een paar jaar geleden haalde mijn moeder op kerstdag aan tafel onze roze boekjes van Kind en Gezin boven, waar ze vanalles over ons in onze eerste levensjaren had genoteerd. “Kan al hele liedjes repertoires zingen” of “nogal autoritair aangelegd” – hilarisch en herkenning van vroege karaktertjes. Ik nam me voor om ook zo veel mogelijk herinneringen over de kinderen aan het papier toe te vertrouwen.

Voor Roald geboren werd, kocht ik daarom een dagboek voor vijf jaar: “Mom’s One Line A Day”. Met het idee om dagelijks één regel te schrijven (want, haalbaar). Van zodra er een jaar rond is, kom je jezelf een jaar geleden tegen en kan je terugblikken op wat je toen aan het doen was. In ons geval ging dat naast de kinderlijke evoluties (en weeklachten over te weinig slaap, die precies toch ook nogal cyclisch waren) ook vaak over een bepaalde fase van de verbouwing, wat moed gaf om verder te doen.

In het begin vulde ik trouw dagelijks mijn boekje in. Hoe de roze wolk voelde, wie er die dag op bezoek was geweest, waneer hij begon te kruipen… Maar na een tijdje stak routine de kop op. Ik ben niet goed met routine, heb ik de laatste jaren beseft. Maar toch vond ik het belangrijk om door te gaan. Ik haalde vaak op het einde van de week, agenda en foto’s op de GSM in de hand, halsstarrig herinneringen in. Soms moest ik zelfs twee of meer weken inhalen. Energie om de dagen van een jaar, twee, drie, geleden na te lezen en te grinniken was er niet meer. Het werd een taak op de af te werken lijst en de lol was eraf. Waarom bleef ik dan registreren? Wetende dat ik in mijn hele leven nooit langer dan een paar maanden een dagboek heb volgehouden, alle wetenschap over het nut van regelmatig schrijven ten spijt?

Het zit zo: ik krijg energie van nieuwe dingen doen, leren, mensen ontmoeten. Een dagboek starten, een activiteit bedenken, een organisatie in gang trekken. Maar na een tijdje slaat de routine toe, en dan blijf ik het doen uit loyauteit – of in dit geval, omdat ik een bepaald beeld van mezelf heb gecreëerd. Dat ik zo’n moeder zal zijn die over 20 jaar karaktertjes kan oproepen aan de kerstdis, die alle herinneringen registreerde. En ook: dat ik geen quitter ben. Want opgeven terwijl de eindmeet in zicht is, is dat niet voor losers?

Toen kwam de eerste lockdown. Uren werden dagen werden weken werden maanden. Het gebrek aan externe prikkels, gebeurtenissen, evenementen die werken als kapstok voor mijn geheugen maakt dat die periode één lange tijdsbrij is als ik erop terugkijk. Laatst was ik foto’s aan het sorteren en stond ik versteld van de hoeveelheid knutselwerken, parkbezoeken… die we in die maanden gedaan hebben. Ik ben het precies allemaal vergeten. Tegelijk was de motivatie voor het dagboek echt helemaal weg. Ik stopte met invullen en een dag werd een week werd een maand …

De lege pagina’s stapelden zich op. De berg om terug op te klimmen werd steeds hoger. Het boek openen en invullen impliceert dat ik het àllemaal moet invullen, teruggaan in de tijd. Insurmountable. Die gedachte is een gevolg van (kwalijk) perfectionisme, dat besef ik intussen, maar wat moet je daarmee?

Dat was het moment om me af te vragen: waarom doe ik dit? Wil ik dit echt? Of is het om een bepaald beeld voor mezelf of van mezelf in stand te houden? Ga ik dat ooit allemaal terug lezen? Wie gaat mij hiervoor een reprimande geven, behalve ikzelf? Zal ik niet sowieso die moeder zijn die goeie verhalen heeft aan de kerstdis of herinneringen doorgeeft aan haar kinderen? (ja, ik geloof van wel)

Dus besloot ik om dan toch maar een quitter te worden. Die opgeeft met de finish in zicht. Nee, ik zal geen triomfantelijke foto kunnen posten van het boekje in kwestie ter ere van zijn vijfde verjaardag. De foto die zonder woorden zegt “Kijk eens hoe lang ik al goed bezig ben!” So what? Kan ik niet beter accepteren dat ik liever mijn energie steek in het opstarten van nieuwe dingen, daar waar ze rendeert? Waar ik content van word?

Verjaardagstaart: approved

Ik liet het passeren. En we vierden Roald zijn vijfde verjaardag met een lekkere dinotaart (want nieuwe taartjes bakken doe ik nog altijd graag, jaja). Het boekje staat in de kast, onvolmaakt te wezen, en dat is oké. Misschien komt er een dag dat ik nog een paar hoogtepunten aanvul. Of niet. Ooit zal ik er zeker terug door bladeren en grinniken om zoveel baby antics en slaaptekort. Met samen herinneringen maken gaan we intussen gewoon door.

Voor wie de taart wilt namaken:

Ik maakte deze chocomoussetaart + een simpele 4/4 cake en cupcakes voor de vulkaan. Je kan ook je favoriete biscuit, devil’s food cake… bakken en vullen met je favoriete vulling. Alles werd bestreken met chocoladeganache van het recept en versierd met chocolade-botercrème (100 ml room opwarmen en over 50 gram witte chocolade gieten, mengen, mixen met 100 gram malse boter en enkele eetlepels poedersuiker) met groene en blauwe kleurstof voor het meer en de bosjes, icing van eiwit met rode en oranje kleurstof (er zijn twee eiwitten over van het taartrecept die je hiervoor kan gebruiken), Lion of Malteser balletjes voor de rotsen en plastic dino’s en boompjes.

Een spuitzak met een spuitmondje zijn nodig om de botercrème en icing aan te brengen. De crème voor het meer spoot ik erop en smeerde ik dan wat uit met een lepeltje. De bosjes errond zijn met een gekarteld spuitmondje gemaakt. De oranje en rode icing was zeer lopend en spoot ik met een spuitzak met dunne opening van bovenaf in de vulkaanmond, en dat liep er als net echt naar beneden uit.

Gevlochten aardbei-rabarbertaart

Gevlochten aardbei-rabarbertaart

Gevlochten aardbei-rabarbertaart

De lente is een heerlijk groente- en fruitseizoen. Ik schreef al hoe aardbeien en asperges mij door de coronacrisis helpen. Rabarber is nog zo’n lentetopper. Zalig in combinatie met aardbeien, die de zure kantjes er wat afvlakken. Het fruit gaat rauw in de taart en door de lange baktijd komt het eruit als een heerlijke confituur. Door het vlechtwerk ziet deze vrij eenvoudige taart er ook meteen gesofisticeerd uit.

In het Engels heet zo’n gevlochten taart een lattice pie maar bij ons blijkt daar geen woord voor te bestaan. Creatieve vlechtideeën zijn echter wel legio op Pinterest. Ik baseerde me op het recept van Martha Stewart, ongekroonde koningin van de lattice pies. Voor het kruimeldeeg kan je ook het iets zoetere recept van Ottolenghi gebruiken, dat ik persoonlijk echt een topper vind. Hieronder geef ik het recept van Martha Stewart dat ik gebruikte.

Opgelet: het kruimeldeeg moet een tijdje rusten in de koelkast en ook de taart moet er even in. Als je de afkoeltijd erbij rekent (en die heb je echt wel nodig), duurt het minstens een uur of 5 voor je de taart aan het eten bent.

Ingrediënten

Voor de vulling:
– 1,5 kg rabarber
– 500 gram aardbeien
– 250 gram suiker (mag grove korrel zijn)
– 50 gram maïzena
– een theelepel geraspte (bio) citroen- of appelsienschil en een eetlepel citroen- of appelsiensap
– zeezout
Voor het deeg:
– 330 gram patisseriebloem
– 1 eetlepel (15ml) fijne suiker
– 1 theelepel zout
– 250 gram koude boter of een plantaardige variant (ik ben fan van de Megarine van Vitaquell)
– 100-200 ml ijskoud water
en ook nog:
– 50 gram koud (plantaardige) boter, in kleine blokjes
– een losgeklopt ei (kan je eventueel vervangen door 1 el ahornsiroop met 2 el plantaardige melk)
– grove suiker om te bestrooien (mag ook parelsuiker zijn)
– een taartvorm van ongeveer 22 à 25 cm, liefst met schuine randen

Bereiding:

Kruimeldeeg: 10 min bereiding + 1 uur opstijven

Begin met het kruimeldeeg. Meng de bloem, suiker en zout. Je kan dit doen in een keukenmachine als je die hebt, of met de hand. Voeg er vervolgens de boter bij in kleine blokjes. Werk met de pulse knop van de keukenmachine of wrijf de boter met je vingers door de bloem, totdat je een grove, kruimelige massa hebt. Voeg rustigaan 100 ml ijskoud water toe, meng opnieuw (zo kort mogelijk) totdat het deeg samenkomt tot een massa. Voeg meer water toe indien nodig. Als het deeg klaar is, verdeel je het in twee gelijke delen die je tot een platte schijf vormt. Verpak de schijven in plastic folie en laat ze minstens een uur opstijven in de koelkast.

Vulling en taart: 20 min bereiding + 30 min opstijven + 90 min bakken + 2 uur afkoelen

Begin met de vulling. Schil de rabarber met een mesje (trek de linten eraf) en snijd in blokjes van 1,5 cm. Ontkroon de aardbeien en snij in de helft of kwartjes. Meng in een grote kom met de suiker, maïzena, zout, citrussap en -schil en zet weg.

Bekleed de taartvorm met bakpapier. Rol één van de twee kruimeldeeg schijven uit tot ongeveer 3 mm dikte, ongeveer 30 cm diameter en bekleed de taartvorm ermee. Prik enkele gaatjes in de bodem met een vork. Doe de rabarbervulling erin en leg er de blokjes boter op. Zet in de koelkast terwijl je de bovenkant voorbereidt..

Rol de andere deegschijf uit tot een cirkel van 30 cm, ongeveer 3 mm dikte. Gebruik een pizza cutter of scherp mes om in minstens 15 linten van 1,5 cm breed te snijden.

Neem 8 van de linten die je gesneden hebt, om en om (dus het eerste, derde, vijfde…) en leg ze over de breedte van de taart. Neem nu het eerste, derde, vijfde en zevende lint op de taart en plooi ze op de helft terug. Neem het langste resterende lint en leg dit loodrecht op de overblijvende linten, in het midden van de taart. Leg de linten terug op hun plaats en plooi nu het tweede, vierde, zesde en achtste lint terug. Werk zo al vlechtend verder tot je alle linten hebt verwerkt in de taart. Werk de randen netjes af: ik verwerkte het deeg dat ik over had tot een randje rondom dat ik met een vork van een decoratief kartelpatroontje voorzag. Zet de taart 30 minuten in de koelkast om op te stijven en verwarm de oven voor op 190 graden (je weet zelf wellicht wel hoe lang dit duurt met jouw oven).

Borstel het losgeklopte ei of de ahornsiroop + plantaardige melk over de bovenkant van de taart. Bestrooi met suiker en zet in de oven. Opgepast: de vulling zal overlopen in de oven en daar karamelliseren en verbranden, dus zet de taart ofwel op een rooster met een bakplaat + bakpapier eronder, of op een bakplaat die hier tegen kan. Laat ongeveer 90 minuten bakken, totdat de vulling stevig aan het pruttelen is. Als de taart te snel bruint kan je er een ruim tentje van aluminiumfolie over maken, of de ovenstand aanpassen en/of een andere bakplaat erboven zetten helpt soms ook. Haal uit de oven en laat minstens 2 uur afkoelen op een rooster. Smakelijk!

Gevlochten rabarber-aardbeitaart
Gevlochten aardbei-rabarbertaart
Smakelijk!