Categorie: Overpeinzingen

Een verjaardag, een dinosaurustaart en een bezinning over quitters

Een verjaardag, een dinosaurustaart en een bezinning over quitters

Afgelopen zaterdag werd Roald vijf. Een mijlpaal voor hem, en voor ons. Mijmerend door babyfoto’s scrollen en niet kunnen geloven dat er al vijf jaar voorbij zijn. De eerste rollende ogen als ik hem zeg wat een schattige baby hij toch was. Kinderen hebben lijkt constant schipperen tussen “stop de klok!” en stiekem verlangen naar de volgende mijlpaal. Ik kijk er bijvoorbeeld enorm naar uit als hij volgend jaar zal leren lezen – de wereld die voor hem open zal gaan! Hij is al een boekenwurm van voor zijn eerste jaar en nog steeds hangt hij aan de lippen van eenieder die een boekje voorleest.

Vijf jaar moederschap, ook. Veel geleerd over mezelf, in die jaren. Soms denk ik dat dat te maken heeft met de kaap van de dertig ronden en meer perspectief krijgen, maar ongetwijfeld dwingen kinderen je ook om een aantal inconvenient truths over jezelf te confronteren. Over het beeld dat je van jezelf hebt, bijvoorbeeld. Of over je drijfveren – de zichtbare en de onzichtbare.

Een paar jaar geleden haalde mijn moeder op kerstdag aan tafel onze roze boekjes van Kind en Gezin boven, waar ze vanalles over ons in onze eerste levensjaren had genoteerd. “Kan al hele liedjes repertoires zingen” of “nogal autoritair aangelegd” – hilarisch en herkenning van vroege karaktertjes. Ik nam me voor om ook zo veel mogelijk herinneringen over de kinderen aan het papier toe te vertrouwen.

Voor Roald geboren werd, kocht ik daarom een dagboek voor vijf jaar: “Mom’s One Line A Day”. Met het idee om dagelijks één regel te schrijven (want, haalbaar). Van zodra er een jaar rond is, kom je jezelf een jaar geleden tegen en kan je terugblikken op wat je toen aan het doen was. In ons geval ging dat naast de kinderlijke evoluties (en weeklachten over te weinig slaap, die precies toch ook nogal cyclisch waren) ook vaak over een bepaalde fase van de verbouwing, wat moed gaf om verder te doen.

In het begin vulde ik trouw dagelijks mijn boekje in. Hoe de roze wolk voelde, wie er die dag op bezoek was geweest, waneer hij begon te kruipen… Maar na een tijdje stak routine de kop op. Ik ben niet goed met routine, heb ik de laatste jaren beseft. Maar toch vond ik het belangrijk om door te gaan. Ik haalde vaak op het einde van de week, agenda en foto’s op de GSM in de hand, halsstarrig herinneringen in. Soms moest ik zelfs twee of meer weken inhalen. Energie om de dagen van een jaar, twee, drie, geleden na te lezen en te grinniken was er niet meer. Het werd een taak op de af te werken lijst en de lol was eraf. Waarom bleef ik dan registreren? Wetende dat ik in mijn hele leven nooit langer dan een paar maanden een dagboek heb volgehouden, alle wetenschap over het nut van regelmatig schrijven ten spijt?

Het zit zo: ik krijg energie van nieuwe dingen doen, leren, mensen ontmoeten. Een dagboek starten, een activiteit bedenken, een organisatie in gang trekken. Maar na een tijdje slaat de routine toe, en dan blijf ik het doen uit loyauteit – of in dit geval, omdat ik een bepaald beeld van mezelf heb gecreëerd. Dat ik zo’n moeder zal zijn die over 20 jaar karaktertjes kan oproepen aan de kerstdis, die alle herinneringen registreerde. En ook: dat ik geen quitter ben. Want opgeven terwijl de eindmeet in zicht is, is dat niet voor losers?

Toen kwam de eerste lockdown. Uren werden dagen werden weken werden maanden. Het gebrek aan externe prikkels, gebeurtenissen, evenementen die werken als kapstok voor mijn geheugen maakt dat die periode één lange tijdsbrij is als ik erop terugkijk. Laatst was ik foto’s aan het sorteren en stond ik versteld van de hoeveelheid knutselwerken, parkbezoeken… die we in die maanden gedaan hebben. Ik ben het precies allemaal vergeten. Tegelijk was de motivatie voor het dagboek echt helemaal weg. Ik stopte met invullen en een dag werd een week werd een maand …

De lege pagina’s stapelden zich op. De berg om terug op te klimmen werd steeds hoger. Het boek openen en invullen impliceert dat ik het àllemaal moet invullen, teruggaan in de tijd. Insurmountable. Die gedachte is een gevolg van (kwalijk) perfectionisme, dat besef ik intussen, maar wat moet je daarmee?

Dat was het moment om me af te vragen: waarom doe ik dit? Wil ik dit echt? Of is het om een bepaald beeld voor mezelf of van mezelf in stand te houden? Ga ik dat ooit allemaal terug lezen? Wie gaat mij hiervoor een reprimande geven, behalve ikzelf? Zal ik niet sowieso die moeder zijn die goeie verhalen heeft aan de kerstdis of herinneringen doorgeeft aan haar kinderen? (ja, ik geloof van wel)

Dus besloot ik om dan toch maar een quitter te worden. Die opgeeft met de finish in zicht. Nee, ik zal geen triomfantelijke foto kunnen posten van het boekje in kwestie ter ere van zijn vijfde verjaardag. De foto die zonder woorden zegt “Kijk eens hoe lang ik al goed bezig ben!” So what? Kan ik niet beter accepteren dat ik liever mijn energie steek in het opstarten van nieuwe dingen, daar waar ze rendeert? Waar ik content van word?

Verjaardagstaart: approved

Ik liet het passeren. En we vierden Roald zijn vijfde verjaardag met een lekkere dinotaart (want nieuwe taartjes bakken doe ik nog altijd graag, jaja). Het boekje staat in de kast, onvolmaakt te wezen, en dat is oké. Misschien komt er een dag dat ik nog een paar hoogtepunten aanvul. Of niet. Ooit zal ik er zeker terug door bladeren en grinniken om zoveel baby antics en slaaptekort. Met samen herinneringen maken gaan we intussen gewoon door.

Voor wie de taart wilt namaken:

Ik maakte deze chocomoussetaart + een simpele 4/4 cake en cupcakes voor de vulkaan. Je kan ook je favoriete biscuit, devil’s food cake… bakken en vullen met je favoriete vulling. Alles werd bestreken met chocoladeganache van het recept en versierd met chocolade-botercrème (100 ml room opwarmen en over 50 gram witte chocolade gieten, mengen, mixen met 100 gram malse boter en enkele eetlepels poedersuiker) met groene en blauwe kleurstof voor het meer en de bosjes, icing van eiwit met rode en oranje kleurstof (er zijn twee eiwitten over van het taartrecept die je hiervoor kan gebruiken), Lion of Malteser balletjes voor de rotsen en plastic dino’s en boompjes.

Een spuitzak met een spuitmondje zijn nodig om de botercrème en icing aan te brengen. De crème voor het meer spoot ik erop en smeerde ik dan wat uit met een lepeltje. De bosjes errond zijn met een gekarteld spuitmondje gemaakt. De oranje en rode icing was zeer lopend en spoot ik met een spuitzak met dunne opening van bovenaf in de vulkaanmond, en dat liep er als net echt naar beneden uit.

Over borstvoeding (oh no she didn’t)

Over borstvoeding (oh no she didn’t)

“En wanneer gaat u stoppen met borstvoeding?”

Ik had niet verbaasd mogen zijn met deze vraag, want zo veel vrouwen kregen ze al voor mij. Ik had net aan de specialist van het universitair ziekenhuis waar ik op consultatie was uitgelegd, naar adem happend achter mijn mondmasker, dat ik al bijna vijf jaar borstvoeding geef, gezien me dat relevant leek voor het probleem dat me daar had gebracht en nuttige informatie voor de eventuele behandeling.

Maar ik was het dus toch. Verbaasd. In tegenstelling tot vele vrouwen voor mij heb ik eigenlijk zelden negatieve opmerkingen gekregen over borstvoeding. Mijn partner, familie, vriendenkring, werkgever: ze kennen mij wellicht allemaal goed genoeg om te weten dat ik mijn eigen keuzes maak en daar geen commentaar op nodig heb. Net als bij de melkmuil van een dochter verraadt mijn gezichtsexpressie meestal ook exact wat ik denk, en als ik zo een ongepaste opmerking krijg staat de expressiemeter meestal op “say what? You kidding me?”. Misschien was het mondmasker en het daaruitvolgende gebrek aan expressie de boosdoener.

“Euhm, dat weet ik niet. Wanneer mijn dochter dat wilt?” hoorde ik mezelf stamelen. De professionele doch uiterst verbaasde houding van de dokter deed me vermoeden dat ze zelf nog niet aan kinderen was begonnen en niks wilde suggereren met de vraag. Haar verdere vragen deden me ook vermoeden dat ze dacht dat dochterlief net als een pasgeboren baby van ’s morgens tot ’s avonds aan de borst wilt hangen. Ik ging buiten met het akelige gevoel dat zij en haar stagiaire elkaar zouden aankijken en “wat. was. dat?” zeggen.

Waarom voel ik de behoefte om hierover te schrijven? Het is deze week Internationale Week van de Borstvoeding, mijn vijfde op rij al. De arts in kwestie was zich ongetwijfeld niet van de ironie bewust dat haar ziekenhuis daar steevast campagne rond voert. En dat het thema van dit jaar ‘steun van de omgeving en zorgprofessionals’ is. Die bewuste vraag niet (zo) stellen als zorgverlener hoort daar wat mij betreft bij.

Lang voeden (blijven borstvoeden nadat je baby geen baby meer is) is een taboe, en begrijpelijk. Het is quasi onzichtbaar en de meeste vrouwen die hun baby langer dan een jaar voeden lopen er niet mee te koop, omdat het raar is en soms een beetje schaamtelijk. En ja, ook wel eens gênant, als de peuter zo nodig in het openbaar wilt drinken maar geen flauw idee heeft dat blote borsten geacht worden bedekt te zijn in de open ruimte, net als je mond en neus op het openbaar vervoer tegenwoordig. Ik moet eerlijk bekennen dat ik het zelf ook een heel raar idee vond voor ik er aan begonnen was. Ik vond het zelfs raar wanneer ik voor dit bericht naar foto’s aan het zoeken was om er eentje tegen te komen met mijn driejarige.

Het was nochtans geen bewuste keuze, bij mij. Net als zo veel moeders begon ik eraan ‘op hoop van zege’, en ‘we zien wel’. De eerste maanden waren bij beide baby’s sukkelachtig. Spruw, syndroom van Raynaud, overproductie (Chinees voor wie nog nooit borstvoeding gaf en hopelijk niet herkenbaar als je het wel deed), smakkende baby’s, vrezen voor koemelkallergie… Met vallen en opstaan en steun van een geweldige lactatiekundige én de omgeving, die me nooit heeft ontmoedigd. Ik wens het iedereen toe, die steun.

En dan komt plots die dag dat het vanzelf gaat en je denkt “hé, dit is handig!”. En dat blijft zo, tot op het moment dat je je geneert om het in het openbaar te doen, tenminste (gelukkig hebben mijn peuters nooit veel interesse gehad in de borst buitenshuis, dus dat taboe kunnen we al overslaan). De band die je ermee opbouwt en die rust momentjes zijn zo heerlijk, dus waarom ook stoppen? Ik ben een langvoedster by chance, not by choice. Zo zie ik het tenminste. Stoppen doen we wel als het weer onhandig wordt, of niet meer leuk.

Hierover schrijven ligt een eindje buiten mijn comfortzone (en dan hebben we het nog niet eens over tandemvoeden gehad, kuch). Maar ik doe het deze keer toch. Omdat er nog steeds te veel vrouwen de vraag krijgen “wanneer ze gaan stoppen” (ja, ook op 3 maanden) terwijl dat gewoon geen vraag zou moeten zijn. Omdat iemand me eens vertelde dat ze een positief beeld kreeg van borstvoeding toen ik er iets over gepost had en ik daar helemaal warm van werd. Omdat er veel meer langvoedende mama’s zijn dan je zou denken, die het veelal binnenskamers doen. Keep rocking the milk, mama’s, en laat niemands oordeel aan je hart komen.

P.S. Dit bericht is er om te spreken uit mijn eigen ervaring, en die van mij alleen. Ik weet dat niet iedereen borstvoeding wilt geven, of dat het niet bij iedereen gelukt is zoals ze wilden, of dat ze vroeger moesten stoppen dan ze wilden. Of dat ze gewoon geen zin hadden om het langer dan 3 maanden te rekken. Dat is helemaal oké (of jammer, als je dat jammer vindt, en dan hoop ik dat je er vrede mee kan vinden). Flesvoeding is ook voeding en moederliefde is moederliefde.

Bezocht: Keith Haring @ Bozar

Bezocht: Keith Haring @ Bozar

Naar aanleiding van zijn dertigjarige heengaan is er dit jaar een grote Keith Haring retrospectieve in de Bozar. Ik had de tentoonstelling begin dit jaar aangekruist als ‘niet te missen’, en toen gingen de musea dicht voor het publiek op exact de dag dat ik van plan was om te gaan. Het was zo één van die dingen waar ik die eerste lockdown-weken dik van baalde, en me tegelijk schuldig voelde dat ik daar nu over zat te zagen terwijl er mensen veel ellendigere dingen meemaakten. Ik was dus verheugd toen ik vernam dat de expo verlengd werd tot 21 juli. Afgelopen vrijdag kreeg ik eindelijk de kans om een bezoekje te brengen.

Keith Haring Art is for everybody

En de tentoonstelling stelde niet teleur! Ik was erg onder de indruk van de werken en de rode draad in het leven van Keith Haring. Veel van zijn werk heeft een sociale, politieke en/of activistische kant. De actualiteit van zijn thema’s raakte me: hij streed voor inclusiviteit, diversiteit, gelijke rechten, tegen apartheid, atoomwapens en vooral: tegen onverschilligheid. Boodschappen en kunstwerken die een snaar raken nu de hele wereld betoogt voor Black Lives Matter, en ik me ook afvraag wat ik zelf kan doen om anti-racist te worden.

Keith Haring

Over de rassen segregatie zei Keith Haring: “In alle verhalen over blanke expansie, kolonisatie en overheersing is er voortdurend sprake van machtsmisbruik en mishandeling. Ik ben blij dat ik anders ben. Ik ben trots dat ik homo ben. Ik ben trots dat ik vrienden en minnaars van alle kleuren heb. Ik schaam me over mijn voorouders. Ik ben niet zoals zij.”

Als homo was hij actief in de gay rights beweging van de jaren 80. Hij stierf 30 jaar geleden aan de pandemie die toen (en nu nog steeds) vele mensenlevens acuut verwoestte: hiv. AIDS was in die tijd een doodvonnis, en een gigantisch taboe.

Bij één van de video’s die vertoond wordt zie je Haring die kunst maakt in de metro’s van New York City. Dat deed hij graag, omdat het kunst tot bij mensen bracht die nooit een museum of galerij zouden betreden, en omdat hij direct in dialoog kon gaan met zijn publiek. Een toeschouwer zegt: het kunstwerk vult een leemte in jezelf. Dat is exact wat deze tentoonstelling deed, 30 jaar later. Ik ben zo dankbaar dat ik ze nog kon zien.

De foto’s zijn enkele van mijn favoriete werken uit de tentoonstelling. Ze is nog tot 21 juli te bezichtigen in Bozar, je kan vooraf tickets kopen voor een bepaald tijdsslot.

Hoe ik de strijd aanbind met de chaos

Hoe ik de strijd aanbind met de chaos

In het leven van een jonge ouder is chaos eerder de norm dan de uitzondering. Je zal mij nooit horen zeggen dat een beetje chaos niet gezellig kan zijn, maar als je het gevoel hebt dat je de hele dag van hot naar her holt, en dan ’s avonds in de zetel ploft met de gedachte “ik heb NIKS gedaan vandaag” dan is er iets mis. Bij mij werd de chaos op een bepaald moment teveel. Sindsdien probeer ik de dingen stapje voor stapje anders aan te pakken. Hieronder vertel ik hoe.

Ik was altijd al iemand die graag veel balletjes tegelijk in de lucht hield (en dat redelijk probleemloos volhield), maar vier-en-half jaar geleden werd mijn wereld serieus op z’n kop gezet door de komst van onze zoon. Ik was net begonnen in een nieuwe, leidinggevende en uitdagende functie toen ik zwanger werd. In mijn eerste jaar als ouder heb ik in een soort ontkenning geleefd dat er iets veranderd was aan mijn leven – en mijn tijdsbesteding. Ik ging door alsof dit een balletje was dat ik er wel zou bij nemen. Fulltime job, verbouwing, hobby’s, engagementen: the show must go on.

TO DO lijst
Een greep uit de to do-lijst tijdens een week vakantie

Terwijl een kleine baby, alleen al uitgedrukt in uren besteed aan borstvoeden, troosten en luiers wisselen, natuurlijk heel veel tijd opslorpt. Mijn fear of missing out en bezige bij-gewoontes werden serieus op de proef gesteld. De belangrijkste les die het moederschap mij in die periode heeft geleerd is dan ook dat het ook kalmer aan mág, dat dat geen schande is. Dat dingen die dit jaar niet lukken omdat er een kleintje afhankelijk van je is en het even niet uitkomt, ook volgend jaar nog wel eens terugkomen.

Intussen werd mijn job er niet minder druk op en leek ik soms op een draaimolen te zitten waarvan de stop-knop niet meer werkte. Dik twee jaar geleden, zwanger van nummertje twee, voelde ik dat het op was. Dankzij een alerte vroedvrouw kwam ik terecht bij een psycholoog en een coach. Haar verdict was duidelijk: je staat op de rand van een burn-out, en je kan beter nú stoppen voor je de afgrond in galoppeert. Ze waarschuwde me om burn-out ernstig te nemen door de impact op je leven te vergelijken met een hartinfarct. Die zat. Ik stopte een maand met werken* om aan mijn herstel te werken en deed heel wat denkwerk. Ik bleef bewust langer thuis met de baby deze keer en kon ook – in samenspraak met mijn werkgever – mijn job craften. Geen leidinggevende meer, wel project manager.

Een vrijwillige demotie** dus – waar ik nog geen seconde spijt van heb gehad. In plaats van cyclische processen mag ik nu projecten met begin, einde, pieken en détentes beheren en dat ligt me veel beter. Sinds die switch voel ik me beter dan ooit. Alleen… met twee kinderen en nog steeds heel wat “buitenschoolse activiteiten” (ik heb het over mezelf, ja, want als vanzelf rol ik dan weer in de ouderwerking van de school…) is de chaos verre van bezworen. En overvalt me nog heel regelmatig het gevoel van “vandaag ben ik precies de hele dag bezig geweest, en ik heb níks gedaan”. Herkenbaar?

zwangerschap
Wat zit er in je buik, mama? Mijn tweede zwangerschap was het moment waarop ik het roer moest omgooien

Cue Anouck en Kelly van Werk & Leven. Ervaringsdeskundigen terzake (moeders, dertigers en allebei meerdere balletjes in de lucht) die ik leerde kennen via de blog van Kelly. Ze lanceerden een cursus ‘Baas Over Eigen Tijd’ die belooft om net dat gevoel van die eindeloze draaimolen een halt toe te roepen.

Initieel was ik behoorlijk sceptisch. Na de intense ontstress-periode ben ik een hele tijd allergisch geweest voor alles wat rook naar planmatig en productief. Ik vond dat de wereld al genoeg draaide rond “nog net dat extra druppeltje productiviteit squeezen door deze lifehack toe te passen”. Ik was het volmondig eens met deze opinie van Selma Franssen: “Ik weet ook niet precies waar de oplossingen liggen, maar ze liggen zeker niet in betere ochtendroutines, playlists met werkmuziek of het optimaliseren van ons eigen ik totdat we erbij neervallen. Misschien mijn beste voornemen voor dit jaar: laat je niet gek maken.” Meer traagheid en meer mildheid, dat was er nodig. Geen onbekende emotie bij mensen die iets gelijkaardigs hebben meegemaakt, zo blijkt.

De eerste edities van de cursus sloeg ik dan ook over. Ik voelde mij er gewoon niet klaar voor. Ik wás er waarschijnlijk niet klaar voor. Maar ik was intussen stevig fan geworden van de podcast van Werk & Leven, waar ik al eens een lifehack of twee oppikte. In november vorig jaar kwam er een nieuwe inschrijvingsronde van Baas Over Eigen Tijd. De promotekstjes leken wel op mijn lijf geschreven en ook de testimonials klonken heel herkenbaar. Maar ja, die vrouwen doen aan content marketing en copywriting voor hun broodwinning – hoe wist ik zeker of het wel echt iets voor mij was? En ging dat allemaal wel lukken in combinatie met het slaaptekort dat ik toen had opgebouwd door de chronische oorontstekingen van onze jongste? Ik heb tot het laatste uur getwijfeld, nog wat vragen gesteld in de live chat, en me dan toch ingeschreven. (Geheel terzijde – ik mocht een vraag stellen in de Ask Us Anything podcast aflevering van seizoen drie, en die ging over het nemen van beslissingen – want ja, daar heb ik het al eens lastig mee.)

Anouck en Kelly beloven dat je in drie weken tijd, met een half uur investering per dag, de cursus kan doorlopen. Ik geloof zeker dat dat kan, maar ik heb er zelf een stuk langer over gedaan. Ik begon vol frisse moed begin december, maar nam bewust een cursuspauze op vrijdag (mijn vrije dag) en in het weekend. Toen kwam er een kerstvakantie tussen, een stresserende operatie voor buisjes van de jongste in januari, en toen was ik even de draad wat kwijt.

Maar uitstel was geen afstel, want na een maand ongeplande (ahum) pauze ben ik wel op een trager tempo verder blijven doen met het cursusmateriaal. En doordat ik alles op het gemak deed, heb ik ook veel tijd gehad om de verschillende lessen al doende te implementeren. Een beetje zoals je huis verbouwen terwijl je erin woont – iets waar ik toevallig ook ervaring mee heb. Eind april ben ik definitief afgestudeerd als Tijdsbaas!

Corona ideale week Bullet Journal
In de cursus Baas Over Eigen Tijd leerde ik onder andere een ideale week ontwerpen – zo hoef ik me niet elke ochtend af te vragen met wat ik in hemelsnaam zal beginnen. Dankzij dit kneepje bedacht ik hoe ik mijn tijd optimaal kan inzetten in tijden van corona.

Was het nu de investering waard, zowel van geld als van tijd? Het antwoord is volmondig *ja*. Baas Over Eigen Tijd is echt heel wat meer dan een serie trucjes om tijd te besparen. Het is een systeem dat je je eigen maakt, waarmee je je leven écht kan veranderen. Het gaat to-taal niet over jezelf als een citroen squeezen tot de laatste druppel productiviteit, maar wel goed nadenken wat je doet, wanneer je het doet en waarom je het doet. Het gaat over bewust keuzes maken in je tijdsbesteding en over het wegnemen van de honderden dagelijkse keuzestressjes die je mentale bandbreedte aantasten. Het is – en ik schuw de grote woorden niet – een Copernicaanse revolutie op vlak van je omgang met tijd.

Ik ben nog volop bezig met het implementeren van alles wat ik uit de cursus heb geleerd en zal er wellicht nog regelmatig naar terugkeren om stukjes te herlezen of nieuwe moed/inspiratie te putten. Niet al mijn dagen lopen strak gepland, en dat is ook echt wel oké. Rome is ook niet op één dag gebouwd. Het is een nieuwe mindset en set van reflexen die dagelijks een stukje meer vorm krijgt. Maar de voordelen ervan worden nu al zichtbaar: ik ben rustiger, ik krijg meer gedaan in minder tijd, en voor ik “ja” zeg pauzeer ik even en denk ik na: tegen wat zeg ik dan eigenlijk “nee”? Ik grapte al eens dat ze de Brexit-slogan “Take Back Control” moeten opeisen***, maar eigenlijk meen ik het echt: dankzij de cursus krijg je terug controle krijgen over je eigen tijd – and dare I say – je leven.

Ook benieuwd? Hier kan je meer te weten komen en inschrijven voor de nieuwe cursuseditie.

goede voornemens take back control
Take Back Control – het kan echt.

Enkele voetnoten:
*Toen ik zwanger een maand wilde stoppen, moest ik uitrekenen en puzzelen om ervoor te zorgen dat dat niet werd afgetrokken van mijn zwangerschapsverlof. Ik ben dan ook ongelofelijk blij dat er eindelijk een politieke doorbraak is om deze absurde regel op te heffen.
**Demotie is een heel interessant – en onderbelicht – onderwerp. Tanja Verheyen heeft er heel zinnige dingen over te zeggen en De Wereld van Sofie wijdde er al eens een heel mooie aflevering aan.
*** Wie wil weten hoe die slogan tot stand kwam, kan ik echt aanraden om de boeiende (en lichtjes angstaanjagende) film “Brexit – The Uncivil War” te bekijken met Benedict Cumberbatch in de rol van Dominic Cummings, het gehaaide brein achter Brexit (en intussen topadviseur van Boris Johnson).

Acht dingen die mij helpen tijdens de lockdown

Acht dingen die mij helpen tijdens de lockdown

Hoe ik probeer om deze periode draaglijk tot zelfs aangenaam te maken

41 dagen zitten we intussen in deze – bij alle gebruikelijke maatstaven – absurde situatie. De lockdown-die-geen-lockdown is, de quarantaine, de corontaine: ik ben het zelfs beu om er gekke namen voor te verzinnen. Iedereen is het beu en het gebrek aan perspectief voor iedereen, en ouders van jonge kinderen in het bijzonder, is vooral killing. Zowat alles levert schuldgevoel op: niet genoeg kunnen doen voor het werk, je geduld verliezen met je kinderen, je geduld verliezen met je partner. En dan is er nog het schuldgevoel over het feit dat ik zaag en klaag, terwijl zoveel andere mensen het duidelijk nog veel erger hebben zonder tuin, zonder ruimte, zonder brede trottoirs, zonder stabiele gezinssituatie, zonder partner, zonder broertjes of zusjes… You get the picture.

Maar goed, we moeten ook proberen om positief te blijven. Er zijn veel goede dingen en ervoor kiezen om daarop te focussen helpt. Het helpt echt om je aandacht bewust te besteden aan wat er wél goed is, waar je wel plezier uit kan halen, wat deze periode draaglijk tot zelfs plezant maakt. Dus bij deze: acht dingen die de corontaine voor mij draaglijk maken. Ik ben benieuwd naar die van jullie.

1. Blijven sporten op mijn vaste tijdstippen.

Normaal ga ik sporten op woensdag- en zondag middag met Friskis & Svettis Brussel en hoewel ik me daar al eens voor moet oppeppen van tevoren, doet het altijd gigantisch deugd om helemaal op te gaan in zo’n sessie en voel ik me achteraf fysiek en mentaal empowered. En mijn spiermassa groeit er van, dat is ook een fijn neveneffect. Ik heb vanaf de eerste week geprobeerd om die twee vaste dagen aan te houden: op woensdag middag doe ik nu één van de YouTube sessies die de instructors online hebben gezet.

20 km van Brussel - ontspanning door lopen
In andere tijden: de 20 km van Brussel, 2015

Hoe langer de lockdown duurt, hoe meer ik me moet motiveren om vast te houden aan die afspraak, en dat lukt vooral omdat ik weet dat het iedere keer geweldig voelt achteraf. Op zondag ga ik nu een uurtje lopen, initieel nog in de vage hoop dat de 20 km van Brussel zou mogen doorgaan, intussen gewoon uit gewoonte, en als mentale opkikker. Het Josaphatpark is me wel veel te druk en stresserend geworden om te joggen met de nodige social distance, en stress is niet echt what it’s about, toch? Dus ik was opgetogen dat deze week werd aangekondigd dat Schaarbeek een joggersparcours zal voorzien om hier aan tegemoet te komen! Allen daarheen (maar niet allemaal tegelijk aub ;-)).

2. “in the moment” zijn met de kinderen

Dit was één van mijn voornemens voor 2020. In de cursus ‘Baas Over Eigen Tijd’ van Werk & Leven moest ik als huiswerk een week lang al mijn activiteiten registreren. Eén van de dingen die ik daaruit leerde is dat ik best veel tijd doorbreng met mijn kinderen, maar dat eigenlijk vaak vooral frustratie opleverde omdat ik dan op dat moment iets wilde doén of bezig was met mijn GSM, terwijl zij wilden spelen… Confronterende vaststelling, dus ik besloot om zoveel mogelijk “in the moment” aanwezig proberen te zijn als ik met hen bezig was en de GSM wat vaker weg te leggen. Wist ik veel dat ik héél veel kansen ging krijgen om dat voornemen waar te maken dit jaar….

Ik besef dat niet iedereen momenteel die luxe heeft, maar ik vind het toch een verrijking en een opluchting om in deze lockdown met hen bezig te zijn en bewust niét te multitasken. Vaak vraag ik me af hoe we over enkele jaren op deze periode zullen terug kijken. Tenslotte zijn wij als Millennials een generatie ouders die veel belang hecht aan tijd doorbrengen met de kinderen en krijgen we daartoe nu ongevraagd volop de kans. Ik probeer echt te kijken, aanwezig te zijn en ik zie mijn peutertje op zes weken tijd gigantische verbale stappen vooruit zetten, ik voer filosofische gesprekken met mijn zoon over de oerknal… Ik heb het gevoel dat deze periode onze band verder verdiept, ondanks het soms op elkaars lip zitten en het gevoel om niks gedaan te krijgen.

3. Ruimte geven aan mijn innerlijke Monica Geller / Bree Van de Kamp

Monica Geller uit Friends en Bree Van de Kamp uit Desperate Housewives zijn twee tv-personages waar ik mijn liefde voor koken en bakken mee deel, maar absoluut niet mee overeenstem wat betreft hun neurotische kantjes. Bree heeft de gewoonte om zich te verliezen in extreem koken en bakken als haar problemen te veel worden, en dat vluchtgedrag herken ik wel een beetje. Iets als brood of gebak uit de oven toveren is tenslotte een soort van immediate gratification, waar je begint met simpele ingrediënten en eindigt met een product waar je zelf en anderen blij van worden, zeker als je zoon dan zegt dat je “de beste koker van de hele wereld” bent. Ik heb niet voor niks een kookblog, hein.

Maar tot mijn verbazing kan ik – gewoonlijk de sloddervos en hoarder van dienst – nu ook plezier scheppen in de kleine (of grote) OCD-kantjes van de beide vrouwen. Zo vergroot systematisch de stapel in onze kelder voor als Brussel Verniet weer open gaat, ruimde ik al verschillende kasten uit en heb ik mijn hele kruidenkast uitgerommeld, een deel weggedaan (!), ingedeeld volgens categorie en frequentie van gebruik én alles met kleuren en nummers gecodeerd om binnenkort die roze bessen wél terug te vinden als ik mezelf een gin tonic inschenk. Move over, Marie Kondo (haha.)

4. De herontdekking van yoga

Yoga en ik hebben een haat-liefde relatie. Rationéél weet ik dat yoga me goed doet. Maar mijn fysiek geheugen herinnert me altijd aan het gevoel dat ik kreeg de eerste keer dat ik ooit een warrior pose moest doen, een ongemakkelijk wriemelen en draaien en zweetvoeten die wegschuiven op een matje.

Tijdens mijn tweede zwangerschap wilde ik het opnieuw een kans geven en schreef ik me in voor prenatale yoga. Nadat de lesgeefster, zelf zwanger van een tweeling, moest afhaken, kregen we de fantastische Linda Chong als lesgeefster. Linda kan op één of andere manier je lichaam lezen en corrigeert je, past de oefeningen aan aan je lichaamstype… elke yogasessie met haar is tegelijk eenvoudige relaxatie en een echte workout.

Linda gaf ook een nieuwe cursus postnatale yoga (mét baby) in ons gemeenschapscentrum na mijn bevalling en zonder aarzelen schreef ik me in. Toen ik daarvan ‘afgestudeerd’ was, wilde ik graag haar cursussen blijven volgen, maar ik slaagde er maar niet in om me op donderdag middag vrij te maken om in de yogastudio te geraken waar ze les geeft.

Toen de lockdown begon ging ik op zoek naar manieren om te kunnen ontspannen. Ik kwam – zoals vele anderen – terecht bij Yoga With Adriene op YouTube, die een gigantisch gamma aan leuke yogavideo’s heeft. Maar ook Linda gaf vorig een Facebook Live bij Radiant Light Yoga en zo kwam ik ertoe om haar te boeken voor een privé online sessie. Zelfs door een scherm en  met beperkte video opties weet ze mij in de beste posities te wringen. Coro-yoga: ik kan het iedereen aanraden.

5. De Mol

Nu Netflix 16 miljoen extra gebruikers heeft dankzij de lockdown en de hetze over Tiger King, geniet ik extra van programma’s die je niet kan bingen of doorspoelen. Een stokpaardje van mijn moeder, die mijn generatie graag aanwrijft dat ze niet meer kunnen wachten. Ik keek de voorbije weken zó hard uit naar De Mol op zondagavond en ik zal oprecht treurig zijn als het voorbij is vanavond. Al ben ik ook wel heel benieuwd wie deze keer de saboteur blijkt te zijn.

6. Aardbeien en asperges

Ik werd oprecht gelukkig van het eerste bakje heerlijke zoete Belgische aardbeitjes dit jaar. Ik ben elk jaar blij als de aardbeien hun intrede doen, maar dit jaar smaken ze me nog meer. De kruidenier bij ons op de hoek heeft altijd goedkopere bakjes met kleinere vruchtjes, terwijl dat net de lekkerste zijn. Ze zijn zalig bij de yoghurt met granola als ontbijt, in een slaatje met kerstomaatjes en basilicum, of bij een heerlijk vanillleijsje als dessert… So, so good.

Ook de asperges van eigen bodem smaken me enorm. Ik maakte ze al klaar met pasta en zeekraal en à la flamande. Genieten van het witte goud. De schillen vries ik in om binnenkort soep van te maken. Do remember they can’t cancel the spring.

Lente Josaphat
Do remember they can’t cancel the spring

7. Rust in het groen

Doorgaans ben ik een stadsmus en maak ik bitter weinig natuurwandelingen. ’t Is niet dat mijn ouders het niet geprobeerd hebben, maar ik ben gewoon niet het type dat in mijn vrije tijd blij wordt van bossen en natuurparken. Ik ga liever cultuur en architectuur opsnuiven in een museum of Europese stad.

Door de quarantaine is genieten van groen echter een goed geworden waarvan we niet beseften dat het ooit zo schaars zou zijn. Ons Schaarbeekse Josaphatpark is zo druk dat ik me er eigenlijk niet op mijn gemak voel, ik moet de hele tijd roepen naar mijn kinderen dat ze afstand moeten houden, aan de kant gaan… terwijl sommige anderen zich er weinig van lijken aan te trekken, wat de frustratie alleen verhoogt.

Daarom ben ik zo blij dat we onze elektrische longtailfiets hebben waar we de twee kinderen kunnen opladen en een plekje in het groen gaan ontdekken waar het veel rustiger is. Het Meudonpark in Neder-Over-Heembeek was bijvoorbeeld een geweldige ontdekking, en ’t Moeraske in Evere was ook heel fijn (hoewel het daar ook nog vrij druk was op een zonnige namiddag). Ook het Albertpark, dichtbij, is een pak rustiger. En zelfs het mooie plein voor onze deur kan dienen om rondjes te crossen, als er even niet te veel mensen zijn. En als de kinderen heel even vrij kunnen rondlopen, kan ik een momentje écht ontspannen.

8. De WhatsApp groepjes met vrienden en familie

Er wordt wat afge-WhatsAppt deze dagen. Een paar argeloze uren zonder GSM levert soms meer dan 80 berichten op om bij te benen. Ik vind het vooral erg fijn om eens tegen mekaar te kunnen klagen met de nodige humor, om inzichten uit te wisselen, herkenbaarheid te vinden in situaties van anderen, of (en vooral) foto’s en filmpjes van de kinderen en al onze baksels te swappen. Een privé Instagram, als het ware.

Stoefen met bakselfoto’s op de familie-WhatsApp

En jullie, wat helpt jullie om deze periode door te komen?

Terug van (heel ver) weggeweest – deel twee

Hey, fa! (Wie herinnert zich dàt nog, zeg)

In het vorige bericht vertelde ik hoe mijn blog brusselsfoodie.com kwam te gaan, en hoe brusselsfoodie.be als een feniks uit de assen herrees, met dank aan IT-saviour Pedro. Maar toen kwam eigenlijk het moeilijkste: de blog opnieuw vorm geven en herdenken. Wat moest Brussels Foodie anno 2020 worden?

Toen ik startte met Brussels Foodie in 2011 woonden we pas in Schaarbeek en was ik nog een 20-something met een lief, een (zalig) huurappartement, zonder kinderen, zonder verbouwing en vooral -als ik er nu op terugkijk- zeeën van tijd om te rommelmarkten, uit te gaan en in het weekend uren in de keuken door te brengen. Ik dweepte een beetje met prachtige Engelstalige food blogs als Smitten Kitchen en besloot om die van mij ook in het Engels te schrijven, zo kon ik ook met mijn internationale vrienden blijven communiceren en onderhield ik zelf m’n taalvaardigheid een beetje.

Fast forward naar 2020: de blog ligt al een jaar of vier behoorlijk plat nadat we van huisje-verbouwinkje-kindjes deden en de kriebels die ik af en toe voelde om recepten en ander leuks aan het world wide web toe te vertrouwen zelden het toetsenbord haalden. En toen kwam dus de hostile takeover van brusselsfoodie.com en was het een beetje ‘nu of nooit’ gevoel. Ik ben al een hele tijd fan van Kelly Deriemaeker van Tales from the Crib en het toeval wil dat zij een Blogboek schreef, waar ze over vertelde in één van de Werk & Leven podcasts (heb ik al gezegd hoe fantastisch die zijn? Ik ga vast nog een paar keer in herhaling vallen, maar check. them. out.)

Het Blogboek dus. Ik kocht het om mee te nemen naar onze driedaagse aan zee (oh, wat een ongekend heerlijke luxe lijkt dat in Coronatijden – zomaar eventjes naar zee kunnen gaan) en las het op drie dagen uit, wat niet van mijn gewoonte is. Dat het vooral regende tijdens de vakantie en we een leuke binnenspeeltuin vonden in Middelkerke, hielp daarbij. Het boek is heel gestructureerd opgebouwd in hoofdstukken en behandelt allerlei nuttige onderwerpen die je helpen nadenken over het soort blog dat je wilt: welk publiek je wilt aanspreken, wat je rode draad is, hoe je je blog vormgeeft… very comprehensive, quoi. Daarnaast zit het boordevol toffe ideeën om concreet aan de slag te gaan.

Heimwee naar de zee, ook al ratelde de wind toen door de rolluiken

Dus dat is wat ik deed: nadenken over welk soort blog ik wilde, en daarmee aan de slag gaan. Ik wil vanaf nu in het Nederlands bloggen (doorspekt met wat Engels en Frans, zoals het een goede Brusselse wereldburger betaamt), met ‘goed eten’ nog steeds als rode draad, maar niet als enige onderwerp. De kinderen zijn er (and they ain’t goin’ nowhere at the moment), dus daar wil ik ook iets mee doen: kindvriendelijke adresjes, kindvriendelijk eten, fijne gezamenlijke activiteiten … Duurzaamheid is ook steeds een belangrijk onderwerp in mijn leven, op allerlei manieren, dus ook dat zal een aanwezig thema zijn. En voor de rest: wie mij kent, weet dat ik niet veel opheb met verbloemen, faken of doen alsof. Een foto maken van een knutselactiviteit zonder dat er rommel in de achtergrond ligt lukt niet altijd en die lachende emoji met een zweetdruppel op z’n voorhoofd staat bij mij altijd op speed dial. Keepin’ it very real, dus.

Et voilà: le nouveau Brussels Foodie est arrivé! Heb je suggesties, vragen, commentaar… let me know. En ik beloof: de posts met doe-dingen komen er snel aan!

Terug van (heel ver) weg geweest – deel één

Over hoe een onwaarschijnlijke ontmoeting met een West-Vlaming genaamd Pedro deze blog nieuw leven in blies.

Disclaimer: de herlancering van mijn blog werd intussen ingehaald door de Corona-realiteit. Wat ik daarmee precies ga doen de komende dagen-weken weet ik nog niet: er veel aandacht aan besteden of net niet? Ik ben zelf al lichtjes verzadigd met “hoe-hou-ik-mijn-kinderen-bezig-ideeën”, dus ik weet niet of ik daar nog iets zinnigs aan kan toevoegen. Alleszins, al te meer redenen om virtueel connectie te maken nu. Hieronder lees je alvast hoe ik ertoe kwam om mijn blog weer op te starten.

Zo. Long time no see. Onder invloed van veel verschillende factoren – een verbouwing, een kind, nog wat verbouwen, een broodnodige time-out van het werk, nog een kind, een job switch, om maar enkele te noemen – was ik het uitgebreid koken en bijhorende bloggen nogal uit het oog verloren. Hoe gaat dat he, in het leven. De voorbije maanden waren niet minder druk, maar een aaneenschakeling van gebeurtenissen heeft ervoor gezorgd dat ik toch weer de draad wil oppikken, met een frisse wind!

Eén van de redenen waarom bloggen er niet meer van kwam: de eindeloze verbouwing
Eén van de redenen waarom bloggen er niet meer van kwam: de eindeloze verbouwing

Hoe is het zo ver gekomen? Het verhaal heeft een onwaarschijnlijke twist die ik jullie niet wil onthouden. In augustus vorig jaar kreeg ik een mail van mijn hosting service met als titel “Domein: brusselsfoodie vervalt binnenkort” en een aanmaning om hun factuur van 9,09 euro te betalen. Alleen, ik vond die factuur nergens terug. Dus ik mailde terug, of ze een kopie wilden sturen. Geen antwoord. In september kreeg ik opnieuw een mail, om te laten weten dat mijn domeinnaam werd opgeschort wegens wanbetaling, en er een 30 dagen ‘redemption grace period’ begon waarin ik mijn domeinnaam nog kon redden. Dus ik mailde opnieuw terug om de factuur op te vragen, probeerde ook te bellen, tweeten, Facebooken… geen respons, tot mijn frustratie. Erger nog: ik bleek niet de enige in dit schuitje en werd gecontacteerd door verschillende andere website eigenaars die mijn tweets zagen en hetzelfde meemaakten. Arghh.

Ik checkte af en toe brusselsfoodie.com, waar nu niks meer op stond, maar zag niks gebeuren. Tegelijkertijd vond ik de domeinnaam ook niet beschikbaar om terug te kopen. Tot ergens in januari er plots schreeuwerige Chinese gifs verschenen die o.a. reclame maken voor casino’s in Macau. Als bij wonder geraakte ik nog eens terug in de backoffice waarvan ik dacht dat ik het paswoord forever kwijt was en wat bleek: al mijn content was weg. CRAP. Plots besefte ik: mijn blog is echt weg, en alle inhoud erbij.

the site formerly known as brusselsfoodie.com :-(

Hoewel ik al een hele tijd inactief was, was ik best miffed over het feit dat ik nergens nog een backupje had van alle recepten en andere dingen die ik in de loop der jaren bij elkaar had geschreven. Ik overwoog om een nieuwe blog te beginnen, in het Nederlands dan, zat stiekem ook een beetje te brainstormen over wat ik daarop zou zetten… En toen kwam het mailtje.

Op de vele mailtjes die ik naar de hosting service stuurde kwam nooit een antwoord. Tot plots, maanden na datum: “Hallo, ik ben nieuw bij het bedrijf en volg alle openstaande zaken op. Is dit nog van toepassing?” Ik mailde terug, legde de situatie uit en luttele minuten later hing een sappige West-Vlaamse stem luisterend naar de naam Pedro aan de lijn. Pedro vatte de hem gegeven koe stevig bij de horens en zowaar, enkele uren later zag ik terug de backup bestanden van mijn bloginhoud verschijnen! De domeinnaam was helaas lost in cyberspace (enfin, in Macau) maar aangezien brusselsfoodie.BE nog vrij was, was ook dat rap geflikt. Duizendmaal dank Pedro! Als dit geen teken uit de hemel was dat ik terug de blogdraad moest oppikken, wat dan wel? En zo geschiedde…

Benieuwd wat ik van plan ben met mijn nieuwe blog? Stay tuned for deel 2…